

TU/e onderzoeksprojecten Israël liggen opnieuw onder een vergrootglas. De Technische Universiteit Eindhoven is sinds 1 juli 2025 drie nieuwe onderzoeksprojecten gestart met Israëlische universiteiten en bedrijven. Dat blijkt uit onderzoek van Vrij Nederland. De samenwerkingen zorgen voor discussie, omdat de universiteit vorig jaar juist aankondigde de institutionele banden met de Israëlische defensie-industrie te beëindigen.
Hoewel de TU/e destijds aangaf gevoelige samenwerkingen kritischer te beoordelen, blijkt uit de nieuwe onderzoeksprojecten dat de samenwerking met Israëlische partners niet volledig is gestopt. Volgens Vrij Nederland gaat het om projecten die niet onder de eerder beëindigde institutionele overeenkomsten vallen, waardoor deelname juridisch en organisatorisch mogelijk bleef.
Een van de nieuwe projecten richt zich op de ontwikkeling van kwantumtechnologie voor autonome voertuigen. Daarbij werkt de TU/e samen met het Israëlisch-Amerikaanse technologiebedrijf Mellanox, dat tegenwoordig onderdeel is van chipfabrikant NVIDIA.
Het onderzoek heeft als doel de prestaties en betrouwbaarheid van zelfsturende systemen te verbeteren. De technologie kan worden toegepast in autonome auto's, drones en andere onbemande voertuigen.
Juist dat aspect maakt het project volgens critici gevoelig. Drones spelen al geruime tijd een belangrijke rol binnen moderne militaire operaties. Mensenrechtenorganisaties hebben herhaaldelijk gewezen op de inzet van onbemande systemen tijdens de oorlog in Gaza. Daardoor bestaat de vrees dat innovaties die binnen civiel onderzoek worden ontwikkeld uiteindelijk ook een militaire toepassing kunnen krijgen.
Naast het project rond kwantumtechnologie neemt de TU/e deel aan twee onderzoeksprogramma's op het gebied van geavanceerde elektronische systemen. Daarbij zijn onder meer de Israëlische Bar-Ilan University en technologiebedrijf SpinEdge betrokken.
Volgens deskundigen beschikken de onderzochte technologieën over een zogenoemd dual-use karakter. Dat betekent dat innovaties zowel voor civiele als militaire doeleinden kunnen worden ingezet. Dergelijke technologieën worden wereldwijd gebruikt in communicatiesystemen, radar, sensoren, defensietoepassingen en geavanceerde elektronica.
De mogelijke militaire inzet was voor de Technische Universiteit Delft eerder aanleiding om zich uit een vergelijkbaar samenwerkingsproject terug te trekken. Daarmee ontstond binnen de Nederlandse academische wereld verschil van inzicht over de vraag hoe universiteiten moeten omgaan met internationale onderzoeksprojecten waarin gevoelige technologie wordt ontwikkeld.
Een ander onderzoeksproject richt zich op innovaties binnen de halfgeleiderindustrie. Dit programma wordt gecoördineerd door chipmachinefabrikant ASML en kent eveneens Israëlische deelname.
Halfgeleidertechnologie vormt de basis van vrijwel alle moderne elektronica. De ontwikkelingen zijn van groot belang voor sectoren als gezondheidszorg, telecom, kunstmatige intelligentie, automotive en defensie. Juist vanwege het brede toepassingsgebied staan internationale samenwerkingen binnen deze sector steeds vaker onder politieke en maatschappelijke aandacht.
Uit het onderzoek van Vrij Nederland blijkt dat de TU/e niet de enige Nederlandse kennisinstelling is die na juli 2025 nieuwe onderzoeksprojecten met Israëlische partners is gestart. Ook de TU Delft, de Universiteit Twente en onderzoeksorganisatie TNO nemen deel aan verschillende Europese onderzoeksprogramma's waarbij Israëlische organisaties betrokken zijn.
Deze samenwerkingen leiden al langere tijd tot discussie binnen de wetenschap. Studenten, medewerkers en maatschappelijke organisaties pleiten voor strengere toetsing van onderzoeksprojecten waarbij instellingen of bedrijven uit conflictgebieden betrokken zijn. Tegelijkertijd benadrukken universiteiten dat internationale samenwerking essentieel blijft voor wetenschappelijke vooruitgang en technologische innovatie.
Om beter om te gaan met dit soort vraagstukken heeft de TU/e inmiddels een nieuw beoordelingsprogramma ingevoerd voor zogenoemde gevoelige internationale samenwerkingen. Binnen dit kader worden onderzoeksprojecten beoordeeld op onder meer ethische risico's, veiligheidsaspecten en mogelijke maatschappelijke gevolgen.
Het is vooralsnog onduidelijk welke gevolgen dit nieuwe beleid heeft voor de lopende onderzoeksprojecten met Israëlische partners. De universiteit heeft aangegeven op een later moment uitgebreider te reageren op de bevindingen uit het onderzoek van Vrij Nederland. De discussie over internationale onderzoeksrelaties zal daarmee waarschijnlijk niet snel verdwijnen. Zeker nu technologische innovaties steeds vaker zowel civiele als militaire toepassingen kennen, neemt de druk op universiteiten toe om transparant te zijn over hun internationale partnerschappen en de afwegingen die daarbij worden gemaakt.
Café Sgt. Peppers in Eindhoven twee weken gesloten na geweldsincident met beveiliger. Lees hier meer!



