

De komst van Seeker zorgt voor veel belangstelling, maar roept tegelijkertijd vragen op. Is particulier basisonderwijs een waardevolle aanvulling op het bestaande onderwijsaanbod, of vergroot het juist de kansenongelijkheid tussen kinderen?
Oprichter Tim van Doorne kwam niet uit het onderwijs, maar uit het bedrijfsleven. Nadat hij enkele jaren geleden zijn onderneming verkocht, kreeg hij meer tijd om zich te verdiepen in de opvoeding van zijn zoon George. Samen met zijn vrouw bezocht hij verschillende kinderopvanglocaties en basisscholen.
Tijdens die zoektocht merkten zij dat veel scholen volgens hen nog sterk zijn ingericht rondom vaste lesmethodes en klassikale instructie. Ze gingen daarom verder kijken naar alternatieven en bezochten Montessorischolen in onder meer Duitsland, Engeland, Tsjechië en Letland.
Volgens Van Doorne sloot de manier van werken daar veel beter aan bij de natuurlijke ontwikkeling van jonge kinderen. Dat inspireerde hem uiteindelijk om zelf een school op te richten.
Seeker kiest bewust voor de Montessorimethode, waarbij zelfstandigheid, nieuwsgierigheid en eigen verantwoordelijkheid centraal staan. In plaats van een strak lesrooster krijgen kinderen ruimte om zich in hun eigen tempo te ontwikkelen.
Dat betekent niet dat vakken zoals taal en rekenen verdwijnen. Integendeel: dezelfde leerdoelen worden behaald als binnen het reguliere onderwijs, maar de manier waarop verschilt. Kinderen werken met speciaal Montessori-materiaal, krijgen individuele begeleiding en bepalen gedeeltelijk zelf wanneer zij met bepaalde opdrachten aan de slag gaan.
Leerkrachten houden voortdurend in de gaten of leerlingen alle onderdelen van het curriculum beheersen.
Volgens Van Doorne leren jonge kinderen van nature door te ontdekken, te experimenteren en fouten te maken. Hij vindt dat het onderwijs daar beter op kan aansluiten.
Een opvallend onderdeel van het onderwijsconcept is het werken met gemengde leeftijdsgroepen. De school start met één groep voor kinderen van vier tot zes jaar. Later komen daar groepen van zes tot negen jaar en negen tot twaalf jaar bij.
Binnen zo'n groep leren kinderen niet alleen van de leerkracht, maar ook van elkaar. Oudere leerlingen helpen jongere kinderen, terwijl zij zelf op andere momenten weer nieuwe vaardigheden leren van oudere klasgenoten.
Volgens de initiatiefnemers stimuleert deze aanpak samenwerking, sociale ontwikkeling en zelfstandigheid.
Daarnaast biedt dit systeem volgens Seeker ook voordelen voor hoogbegaafde kinderen. Zij hoeven niet direct een klas over te slaan, maar kunnen voor specifieke vakgebieden aansluiten bij oudere leerlingen zonder sociaal uit hun eigen leeftijdsgroep te worden gehaald.
Elke groep krijgt maximaal 24 leerlingen en twee vaste leerkrachten. Eén docent spreekt Nederlands, de ander Engels. Daardoor groeien kinderen dagelijks op in een tweetalige leeromgeving.
Deze aanpak moet ervoor zorgen dat leerlingen spelenderwijs beide talen leren beheersen. Zeker in een internationale regio als Eindhoven verwacht Seeker hiermee aantrekkelijk te zijn voor zowel Nederlandse gezinnen als expats en internationale families.
Volgens Van Doorne is de belangstelling inmiddels zichtbaar. Tijdens open dagen bezochten tientallen gezinnen de school en de eerste leerlingen zijn al officieel ingeschreven. Ook zijn er ouders die interesse tonen voor toekomstige schooljaren.
Het hoge schoolgeld zorgt voor de meeste discussie. Van Doorne benadrukt dat het bedrag niet is gekozen om exclusief te zijn, maar voortkomt uit de werkelijke kosten.
Omdat particuliere basisscholen geen reguliere bekostiging van de overheid ontvangen, moeten alle uitgaven worden betaald uit ouderbijdragen. Daarbij gaat het om salarissen van leerkrachten, huisvesting, onderhoud, lesmateriaal en overige organisatiekosten.
Volgens de oprichter is uitgebreid doorgerekend of een lager tarief mogelijk was, maar bleek dat financieel niet haalbaar.
Hij erkent tegelijkertijd dat het onderwijs hierdoor voor veel gezinnen onbetaalbaar is. Vooral alleenstaande ouders of gezinnen met een gemiddeld inkomen zullen een dergelijke investering moeilijk kunnen opbrengen.
Juist die beperkte toegankelijkheid leidt tot maatschappelijke discussie. Critici vragen zich af of particuliere basisscholen bijdragen aan een tweedeling in het onderwijs.
Ook Henri Verheij, interim-directeur van Montessorischool De Trinoom in Eindhoven, plaatst kanttekeningen bij het initiatief. Hoewel hij het positief vindt dat het Montessori-onderwijs meer aandacht krijgt, vraagt hij zich af of een school met zulke hoge kosten nog wel past bij de oorspronkelijke Montessori-gedachte.
Volgens hem draait Montessori juist om onderwijs dat beschikbaar is voor ieder kind, ongeacht de financiële mogelijkheden van ouders. Hij vindt dat maatwerk en individuele begeleiding ook binnen het reguliere onderwijs mogelijk moeten zijn.
Van Doorne begrijpt de zorgen, maar vindt dat particulier onderwijs niet automatisch leidt tot meer kansenongelijkheid. Volgens hem is er nog geen overtuigend bewijs dat een particuliere school de verschillen tussen kinderen vergroot.
Zijn uiteindelijke ambitie is dan ook breder dan alleen het opzetten van een nieuwe school. Hij hoopt dat succesvolle onderdelen van de onderwijsvisie uiteindelijk ook worden overgenomen door reguliere basisscholen.
Of Seeker daadwerkelijk een voorbeeld wordt voor toekomstige onderwijsvernieuwing of vooral een exclusieve school blijft voor een kleine groep gezinnen, zal de komende jaren moeten blijken. Eén ding staat vast: de komst van de eerste particuliere basisschool in Eindhoven heeft het debat over de toekomst van het Nederlandse basisonderwijs opnieuw aangewakkerd.
PSV presenteert Sven Mijnans als eerste zomeraanwinst: middenvelder tekent tot 2031 in Eindhoven. Lees hier meer!



